(Alle credits en de rechten van de Wikipedia bron zijn van toepassing)
Maretak (Viscum album) is een plantensoort uit de sandelhoutfamilie (Santalaceae). De plant leeft op bomen. Het is een halfparasiet. De soort wordt ook wel gekweekt.
Etymologie en naamgeving
De Nederlandse triviale naam 'maretak' is afgeleid van het Oudgermaanse woord mare (heks, nachtmerrie, nachtelijke kwelgeest of spook). Wanneer men de plant of een tak ervan in de stal ophing zou het het voornoemde kwaad op afstand houden.
Ook wordt de soort vaak vogellijm of mistel genoemd, of met de Engelse naam mistletoe aangeduid. Overige (regionale) triviale namen die in Nederland en Vlaanderen aan de soort worden gegeven zijn boomkruid, duivelsgras, duivelsnest, hamschel, hamspoen, heksennest, holster, hulster, kersterhout, lijmkruid, mattekruid, priemst, raamsch, slangentong en viscus.
Determinatie
Maretak is een groenblijvende struik met een dikwijls sterk vertakte groeiwijze. De plant is onbehaard en heeft leerachtige, tegenoverstaande bladeren.
Ecologie
Maretak is een op levend hout levende halfparasiet die in het hout wortelt van de gastheer, waarvoor zij afhankelijk is van water en zouten. De gastheersoort verschilt per ondersoort.
De soort wordt ornithochoraal verspreid. De besachtige vrucht door vogels in de oksel van een boomtak genuttigd, waar het zaad blijft plakken en ontkiemt. De wortel groeit dan in de boom. Zaden worden niet verteerd en hebben een kleverige laag, vandaar ook de naam 'vogellijm'. De zaden zijn voor de mens giftig.
Onder de insecten is de maretakbloemwants een bijzondere soort die uitsluitend op/van maretak leeft.
Syntaxonomie
In de syntaxonomie staat maretak te boek als kensoort voor de naar haar vernoemde maretak-klasse (Viscetea albi). Deze klasse omvat epifytische vegetatie waarin maretak uiterst aspectbepalend optreedt.
Verspreiding
Het natuurlijke verspreidingsgebied van maretak strekt zich uit over de gematigde streken van Europa, Azië en Noordwest-Afrika. In Nederland en België is de soort zeldzaam. Uitzonderingen vormen echter het zuiden van Zuid-Limburg, de Voerstreek, de Leemstreek en het zuiden van de Maasvallei, daar is de soort vrij algemeen.
Ondersoorten
Binnen de soort worden verscheidene ondersoorten onderscheiden. In Nederland en Vlaanderen komt uitsluitend Viscum album subsp. album voor.
Viscum album subsp. abietis
Deze ondersoort is bekend uit Centraal-Europa en groeit enkel op zilverspar. De vruchten zijn wit van kleur en de bladeren zijn lang, tot 8 cm.
Viscum album subsp. album
Dit betreft de meest algemene ondersoort. Het verspreidingsgebied strekt zich uit van Europa, Zuidwest-Azië tot in Nepal. Ze komt vooral voor op populier, wilg, appel en linde.
Viscum album subsp. austriacum
Deze ondersoort is enkel bekend uit Centraal-Europa en groeit uitsluitend op de naaldbomen van Larix, Pinus en Picea. De vruchten zijn geel.
Viscum album subsp. meridianum
Deze ondersoort komt voor in Zuidoost-Azië, waar ze groeit op loofbomen, waaronder hoofdzakelijk esdoorn, walnoot, lijsterbes, Carpinus en Prunus.
Viscum album subsp. creticum
Dit betreft een zeldzame ondersoort die bekend is uit Kreta. Ze parasiteert op Turkse den. De vruchten zijn wit en de bladlengte is opvallend kort.
Culturele betekenis
- Het Duitse woord voor heksenbezem is Mahrenest. 'Mare' betekent heks, nachtmerrie, nachtelijke kwelgeest of spook.
- Maretak staat bekend als een heksenkruid.
- Maretak werd aan de balken van stallen gehangen en diende om de mare te verjagen en zo het vee vruchtbaar te houden.
- Bij de Kelten en Germanen was maretak een heilige plant die in hun magische vruchtbaarheidsrituelen een belangrijke rol speelde. Volgens Plinius de Oudere sneed een in wit geklede druïde in de midwinterceremonie met een gouden sikkel de maretak uit de heilige eik. De afgesneden plant mocht de grond niet raken en werd in witte doeken opgevangen. Daarna slachtte de druïde de offerdieren en dompelde de maretak in water dat dan als bescherming tegen ziekten en onheil werd gebruikt. De offergaven waren bestemd voor de geesten van de vruchtbaarheid, zoals de godin Freya. Het gaat hier om de 's winters bladloze Loranthus europaeus, die op eiken groeit.
- In de strips van Asterix en Obelix gebruikt de druïde Panoramix maretak als onderdeel van zijn geheime toverdrank voor onoverwinnelijkheid. Ook hier gaat het om de 's winters bladloze Loranthus europaeus, die op eiken groeit.
- In de Noordse mythologie wordt Baldr door zijn blinde broer Hodr gedood met een pijl met een punt van maretak, hiertoe misleid door Loki. Maretak is volgens de mythologie het enige waarvoor Baldr kwetsbaar is.
- Viscositeit (mate van stroperigheid) van vloeistoffen ontleent zijn naam aan Viscum, de botanische naam van het geslacht van maretak. In de Middeleeuwen werden de bessen van de plant gekookt tot een stroperige en plakkerige substantie: de vogellijm. Deze werd uitgesmeerd op lijmstokken. Een vogel die erop ging zitten, kon vervolgens niet meer weg.
- Maretak wordt in de kruidengeneeskunde gezien als plant met medicinale eigenschappen. Hij wordt wel genomen als bloeddrukverlagend middel. Vroeger was onder andere epilepsie een reden voor gebruik.
Fotogalerij
Externe links
- Maretak op Flora van Nederland
- Maretak in het Nederlands Soortenregister
- Verspreiding in Nederland volgens NDFF Verspreidingsatlas
- Kaarten met waarnemingen:
- België
- Nederland
- wereldwijd
(Alle credits en de rechten van de Wikipedia bron zijn van toepassing)