WO Rik & Mon's
Nature.Guide

Jeneverbes

Juniperus communis
Cipresfamilie (Cupressaceae)


(Alle credits en de rechten van de Wikipedia bron zijn van toepassing)

Jeneverbes (Juniperus communis) is een plantensoort uit de cipresfamilie (Cupressaceae). Het is een van de weinige coniferen, naast grove den en venijnboom, die van nature voorkomt in de Benelux.

Ook de andere soorten uit het geslacht Juniperus worden jeneverbes genoemd, met een nadere aanduiding.

Determinatie

Jeneverbes is een tweehuizige conifeer die doorgaans groeit als struik maar zeer zelden ook uitgroeit tot een kleine boom van 10 m hoog. Ze is meestal vanaf de stamvoet dicht bezet met rechtopstaande of opstijgende, lange takken. De takken zijn rond; de jongere takken zijn driehoekig en roodbruin van kleur. Het naaldhout van jeneverbes is zeer hard.

Binnen het geslacht Juniperus lijkt jeneverbes vooral op de ongeveer net zo hoog wordende, oudere planten van de nothospecies Juniperus ×media. Juniperus ×media heeft echter altijd óók schubvormige naalden.

Ecologie

Jeneverbes is een pioniersoort die hoofdzakelijk voorkomt op open, droge, oligotrofe tot mesotrofe, zwak zure tot zure zandgronden. Soms kan zij echter ook op natte veenbodems en op kalkhellingen optreden. De soort staat in de volle zon tot in de halfschaduw. De zaden kiemen het best op relatief kale minerale bodems (stuifzanden) na enkele natte jaren. In Nederland vindt maar beperkt natuurlijke verjonging plaats. Een uitzondering zijn bepaalde terreinen waar de bodem regelmatig wordt verstoord, bijvoorbeeld militaire oefenterreinen. Mogelijke verklaringen voor de beperkte verjonging zijn onvoldoende kiemkracht van de zaden, konijnenvraat van jonge scheuten en een te zure samenstelling van de bodem. Vegetatieve vermeerdering door tot op de bodem doorbuigende takken en wortelende is de meest voorkomende wijze van jeneverbesstruweel vergroting.

Het rijpen van de 'bessen' strekt zich uit over twee jaar. De vrouwelijke vruchten vormen in het eerste jaar groene, op bessen gelijkende kegelvruchten. Na de overwintering worden zij grijsblauw.

Voor het voortbestaan van populaties jeneverbes is het belangrijk dat er voldoende exemplaren in de buurt staan en dat ze vrij staan; de wind moet met name tijdens de bloei vrij spel hebben. Dit om het zogenaamde roken van de bomen te waarborgen. De plant verspreidt dan tijdens de bloei wolken van stuifmeel. De grote lijster eet de kegelbessen en verspreidt op deze wijze de zaden.

Syntaxonomie

In de syntaxonomie heeft jeneverbes een bijzondere positie. Ze is binnen de struwelen diagnostisch voor zowel het gaffeltandmos-jeneverbesstruweel en de associatie van hondsroos en jeneverbes.

Verspreiding

Het verspreidingsgebied van jeneverbes is zeer groot; het strekt zicht uit over vrijwel het gehele noordelijk halfrond tot langs de poolcirkel met uitstralingen tot diep in de subtropische gebieden. Grote populaties komen voor in de naaldwouden van Azië en Canada.

Nederland

Het is de enige boomsoort die op de Nederlandse Rode Lijst uit 2004 staat. De soort wordt gekenschetst als algemeen voorkomend, maar sterk in aantal afgenomen. In Nederland is de plant vanaf 1 januari 2017 niet meer wettelijk beschermd.

Jeneverbessen worden in Nederland in de meeste gevallen als solitaire struiken aangetroffen in arme zandverstuivings- en heidelandschappen. Een groot deel van de Nederlandse exemplaren groeit op de Veluwe en in Drenthe, maar de struik komt ook voor in Salland op De Sprengenberg in Haarle en op De Holterberg bij Nijverdal. Ook in Twente, waar men ze 'wakel' noemt, is de struik op verschillende plaatsen in natuurgebieden aan te treffen. Er zijn restpopulaties in Limburg en Noord-Brabant. Concentraties van grote aantallen zijn zeldzaam. Op de Veluwe langs de weg van Otterlo naar Schaarsbergen ligt zo'n uitgebreid jeneverbesstruweel. Het bevindt zich gedeeltelijk in het Nationaal Park De Hoge Veluwe. In dit gebied staan veel jeneverbesstruiken dicht bij elkaar. In natuurgebied de Borkeld bij Rijssen is in de jaren 1970 snelweg A1 met een bocht aangelegd om een groot struweel van jeneverbesstruiken te sparen.

België

In België komen jeneverbesstruiken onder meer voor in natuurreservaat Heiderbos in de gemeente As. Het 100 hectare grote gebied herbergt met 7.000 struiken de grootste populatie van Vlaanderen.

Toepassingen

De besvomige kegelvruchten worden gebruikt voor het aromatiseren van gin, jenever, aquavit en Bénédictine. De drank jenever dankt zijn naam aan deze plant. De benaming "genever" is van jeneverbes afkomstig.

Gedroogde kegelvruchten worden als specerij verwerkt in bijvoorbeeld marinades voor wild. Ook zuurkool wordt traditioneel met jeneverbes gekruid. Voor gebruik worden jeneverbessen geplet of gekneusd om de smaak beter tot zijn recht te laten komen. De gedroogde bessen zijn vaak in de supermarkt te koop. Naast de bessen worden ook de bladeren gebruikt, bijvoorbeeld bij het grillen van vis.

Jeneverbes wordt soms toegevoegd aan supplementen voor vochtafdrijving, zoals voor het verbeteren van de nierfunctie. Ook zit het in enkele afslankproducten en reinigingssupplementen voor de lever. De werking hiervan is niet wetenschappelijk bewezen.

De etherische olie van jeneverbes wordt onder meer gebruikt in badolie.

Volksgeneeskunde

In de volksgeneeskunde worden bereidingen uit de jeneverbes reeds lange tijd gebruikt voor het verminderen van winderigheid en andere verteringsproblemen. De vruchten zelf werden ingenomen tegen reuma en ook uitwendig toegepast door ze op de pijnlijke gewrichten en spieren te wrijven. Een alcoholische tinctuur van jeneverbes wordt ingezet bij oedeem, pijn in het maag-darmkanaal en gebrek aan eetlust.

Zowel de jeneverbes als de etherische olie daarvan staan bekend om hun diuretische en antiseptische werking en beiden werden sinds de eerste editie van de Amerikaanse farmacopee in 1820 met deze indicaties hierin genoemd. In 1960 verdween jeneverbes uit de farmacopee omdat er inmiddels schadelijke effecten op de nieren bekend waren geworden.

De Duitse natuurgeneeskundige Sebastian Kneipp zag jeneverbes vooral als een maagmiddel. Gedroogde vruchten of de etherische olie worden ook wel geadviseerd bij verteringsproblemen.

Toxiciteit

Een belangrijk deel van de therapeutische eigenschappen van jeneverbes wordt toegeschreven aan de samenstelling van de etherische olie. De terpineen-4-ol hierin heeft diuretische eigenschappen. Lange tijd werd gedacht dat deze stof in hogere concentraties ook een irriterende werking heeft op de nieren, maar dat is nu niet meer het geval. De gerapporteerde niertoxiciteit van jeneverbessen blijkt terug te voeren op enkele case-reports waarbij sprake lijkt te zijn van verkeerd geïdentificeerde of vervuilde etherische olie van jeneverbes. Sommige bronnen roepen wel op tot voorzichtigheid bij het gebruik van etherische olie van jeneverbes bij acute nierontsteking.

Samenstelling

De jeneverbes bevat onder meer de volgende bestanddelen;

  • Zuren: diterpeenzuren, ascorbinezuur en glucuronzuur.
  • Flavonoïden: amentoflavon, quercetine, isoquercetine, apigenine en verschillende flavonoïdglycosiden
  • Tanninen: proanthocyanidinen, gallocatechinen, epigallocatechinen, gallotanninen
  • Etherische of vluchtige olie (0,2–3,42%): voornamelijk bestaande uit monoterpenen (circa 58%). Kenmerkende bestanddelen van de etherische olie zijn α-pineen, β-pineen, myrceen, sabineen, kamfeen, kamfer, p-cymeen, cadineen, limoneen, γ-terpineen, terpineen-4-ol, terpinylacetaat, α-thujeen en borneol, evenals sesquiterpeenverbindingen zoals caryofylleen, elemeen en epoxydihydrocaryofylleen.
  • Andere bestanddelen: geijeron, junionon, desoxypodofyllotoxine, harsen, vetzuren en suikers,

De concentraties van de bestanddelen in de jeneverbes en haar vluchtige olie kunnen variëren onder invloed van omgevingsfactoren als geografische locatie, groeiomstandigheden, oogstmoment en manier van verwerken.

Verklaring van de naam

Over de herkomst van de naam jeneverbes bestaan veel theorieën:

  • Jeneverbes stamt mogelijk af van oudfrans: jenevre, geneivre, genoivre;
  • Jeneverbes stamt mogelijk af van iūni verband met Latijn iuncus ‘bies, rus’, en het Oudnoords einir ‘jeneverstruik’ (nzw. en);
  • Juniperus stamt mogelijk af van het Keltische jeneprus/juniprus, wat ofwel "ruw, stekelig" betekent, verwijzend naar de aard van de struik, ofwel "wrang, bitter", verwijzend naar de smaak van de bessen;
  • Juniperus stamt mogelijk af van het Latijnse juni(or) (jong) en perus (baren).
  • De naam jeneverbes is mogelijk een verbastering van het Latijnse Juniperus dat is samengesteld uit 'junior' = 'de jongere' en 'parere' = 'verschijnen'. Dit slaat op de jonge vruchten die reeds verschijnen voordat de rijpere vruchten zijn afgevallen.
  • Juniperus stamt mogelijk af van het Griekse πυρός (vuur).

Kuisheid

In de middeleeuwen werd de boom als een symbool van kuisheid gezien. Op een van de schilderijen van Leonardo da Vinci, het portret van de vrouwe Ginevra de' Benci, is een jeneverbes op de achtergrond te zien. De naam Ginevra is een verwijzing naar jeneverbes. De hedendaagse naam Jennifer is een moderne variant van Ginevra.

Externe links

  • Website Jeneverbesgilde, belangenbehartiger van de jeneverbes
  • Jeneverbes in het Nederlands Soortenregister
  • Verspreiding in Nederland volgens NDFF Verspreidingsatlas
  • Kaarten met waarnemingen:
  • België
  • Nederland
  • wereldwijd


(Alle credits en de rechten van de Wikipedia bron zijn van toepassing)

Waar?

Familie(3)

WWW info


Verder zoeken
bl. Grootte bl. Vorm Takjes Takjes Bast Hoogte Hoogte Zaden Zaad huis Bloem Bloem type Type Type
bl. Grootte  < 5 cm bl. Vorm  naald Takjes  tegenover Takjes  gedraaid Bast  ruw Hoogte  < 5 m Hoogte  5-30 m Zaden Zaad huis  zacht Bloem Bloem type  anders Type  naald Type  struik
< 5 cm naald tegenover gedraaid ruw < 5 m 5-30 m zacht anders naald struik
0 Lijkt op (LA):
Juniper
Jeneverbes
Wacholder
Genièvre
Ginepro
Enebro común
Genebreiro

chips


Ecozone (biogeografische regio) instellen
select a region
© Copyright Nature.Guide Nederland 2025 door RikenMon tenzij anders aangegeven.